Voltooid verleden liefde

Ik heb je naam hardop gelezen: Willem van de Water. Gouden letters in diepzwart marmer. Lieve en zorgzame echtgenoot, vader en grootvader. Je ligt er al twaalf jaar en ik vraag me af of ze je nog missen. Vast niet meer elke dag. Zo gaat dat nou eenmaal.

Het stelt me gerust dat ze je beschrijven als lief en zorgzaam. Blijkbaar is het toch nog goed gekomen.

Weet je nog hoe we fantaseerden over ons gezin? Ik was zeventien en zielsgelukkig toen je op een mooie voorjaarsavond onder de krulwilg tegen me zei: ‘Als we over een paar jaar kinderen hebben, gaan we in het huis van tante Geert wonen.’ ’s Nachts droomde ik van mollige dreumesarmpjes om mijn hals, van jouw sterke handen op mijn bolle buik, van een familieportret met twee jongens, een meisje, jij als trotse vader en ik als eeuwig gelukkige moeder.

Twee dagen later namen ze je mee.

Elke dag heb ik om je gehuild. Ik miste je zo verschrikkelijk. We woonden al ons hele leven naast elkaar, waren beste vrienden en sinds die kus op mijn zestiende verjaardag ook geliefden.

Een jaar na de razzia viel ik mijn knieën kapot op het tuinpad, nadat ik je moeder had horen gillen dat je terug was. Met bebloede benen stortte ik me bovenop je. ‘Dag, Helena’, is alles wat je zei. Je stem kraakte, je stonk, en mijn god, wat was je mager. Je ogen ontweken me. Ik mocht niet zien wat jij had gezien.

Zeven maanden lang zocht ik naar jou. Ik wilde met je praten, dansen, lachen, huilen, schreeuwen. Jij wilde niets.

Op oudejaarsavond 1945 besefte ik dat mijn Willem nooit meer zou terugkeren uit het kamp.

Ik kuste je, maar je kuste niet terug. Je stak wel je tong in de mond van Annet en kneep in de billen van Trudy. Met je dronken kop.

Ik ben naar huis gegaan en heb nooit meer een traan om je gelaten.

Maar ik ben altijd van je blijven houden, Willem. Ook toen ik vertrok naar Den Haag en daar trouwde met Henry. Ik heb het hem nooit verteld, maar ik denk dat hij altijd heeft gevoeld dat hij tweede keus was. Toch hadden we het niet slecht met z’n tweeën.

Lieve Willem, ik koester de herinneringen die ik nu op mijn oude dag niet meer hoef te maken. Binnenkort is het hier ook voor mij einde oefening. Dan is er niemand meer die zich onze liefde zal herinneren. Dan is het voltooid verleden liefde.